Kinderen, tieners & ouders

Kinderen en tieners met diabetes moeten worden gerustgesteld door hen erop te wijzen dat ze, door behandeling en ondersteuning, een leven kunnen leiden als iedereen.

CHECKLIST

  • Praat met de leraar/verpleegkundige op school en stel ze op de hoogte van de situatie.
  • Praat met uw buren en vrienden van uw kinderen en vertel hen hoe ze uw kind kunnen helpen in geval dit nodig mocht zijn.
  • Het is belangrijk dat uw kind zélf de waarschuwingssignalen kan herkennen.
  • Ze moeten vertrouwd zijn met hun medicatie.
  • Controleer of uw kind zijn/haar bloedglucosegehalte regelmatig meet en de insulinedoses aanpast indien nodig. Zorg ervoor dat een volwassene uw kind hierbij kan helpen indien nodig.
  • Denk eraan om regelmatig de arts van uw kind te raadplegen om de diabetes van uw kind op te volgen. Doe dit minstens één keer per drie maanden en laat jaarlijks een check-up uitvoeren.
  • Neem deel aan trainingen in het ziekenhuis of gezondheidscentrum voor het beter leren begrijpen van diabetes.

SCHOOL

Kinderen of tieners met diabetes die insuline gebruiken, kunnen een normaal schoolleven leiden. Leraars dienen evenwel op de hoogte worden gebracht van de ziekte, zodat ze het kind wat meer vrijheid van handelen geven. . Als de bloedglucosespiegel van het kind bijvoorbeeld sterk stijgt, kan het zijn dat het kind vaak moet plassen en daarom meer water moet drinken. Hij of zij moet toestemming krijgen om in de klas te drinken en om naar het toilet te gaan als dat nodig is. Een leraar moet vertrouwd zijn met de symptomen van hypoglycemie en weten hoe hij/zij hierop moet reageren.

SCHOOLMAALTIJDEN

Leer uw kind om bij elke maaltijd koolhydraten (suikers) te eten.

Vakantie en reizen

Zorg ervoor dat uw kind zijn of haar insulinebenodigdheden, medicatie, testbenodigdheden (bloedglucosemeter, strips, prikpen…) en diabetesdocumenten meeneemt. Voor de rest is reizen prima.

Groei

Als diabetes niet goed wordt gecontroleerd, kan de groei van het kind worden vertraagd, kan het kind zich moe voelen en kan zijn/haar lichamelijke kracht en concentratievermogen afnemen. Kleine wonden genezen langzamer.